Na Pinksteren
Pinksteren: GoddelijK vonKje
Een dwaas wilde smid worden. Hij bouwde een werkplaats, kocht een blaasbalg, een hoop ijzer, een aambeeld en enkele hamers.Het ijzer wilde niet gloeien. Wát hij ook probeerde, de vuurplaats bleef koud. Toen ging hij naar de rabbi en vroeg om advies.
De rabbi zei: ‘Je denkt alles te hebben om smid te zijn, maar het wezenlijke mis je, de vonk.’ (Bron: Hornikx, R. – Een handvol verhalen)
Wat doen mensen die verliefd zijn? Ze kunnen het niet voor zichzelf houden en gaan vertellen. Hun enthousiasme werkt (meestal) aanstekelijk op anderen. Ze staan in vuur en vlam. Ze kunnen de hele wereld aan. Ze brengen iets over.
In wind en vuur verklaart God ons zijn liefde.
Het eerste vers van lied 686 verwoordt prachtig hoe een Goddelijke vonk kan overslaan.
De Geest des Heren heeft een nieuw begin gemaakt,
in al wat groeit en leeft zijn adem uitgezaaid.
De Geest van God bezielt wie koud zijn en versteend
herbouwt wat is vernield, maakt één wat is verdeeld.
terug